“Door de klassieke manier van onderwijs geven los te laten, creëren we ruimte waar nieuwe dingen ontstaan”

De Zoetermeerse afdeling van De Haagse Hogeschool richt zich specifiek op IT-onderwijs. Sandra van Steenvelt, programmadirecteur HBO-ICT bij De Haagse Hogeschool, is al vanaf het begin van het onderwijs in de Dutch Innovation Factory bij de opleiding betrokken. “In het begin boden we vooral beroepsonderwijs op de traditionele manier aan,” vertelt Sandra. “Deze werkwijze passen we op al onze locaties toe en is niet optimaal om alle mogelijkheden van de DIF te benutten. De Haagse Hogeschool wilde het echt anders gaan doen en de samenwerking aangaan met andere partijen. Daar is meer voor nodig dan alleen maar het vestigen op een locatie zoals de Dutch Innovation Factory.”

Ondanks de potentie van de locatie was de opgave van het ontwikkelen van een nieuwe vorm van onderwijs best complex. Sandra zag als manager al snel waar de bottleneck zat. “Een docent staat voor de klas om mensen op te leiden. Als die zegt; leuk jullie ideeën, maar ik kan er niets mee, dan gebeurt er weinig.” Na een analyse bleek Sandra het bij het rechte eind te hebben. “Een docent die negentig studenten een unieke praktijkopdracht wil geven, heeft daardoor ineens zelf veel meer werk te doen,” legt Sandra uit. “Ga maar na; zorgen dat je eerst al die verschillende bedrijven vindt, en vervolgens al die contacten onderhouden. Daar gaat veel tijd in zitten.” Tussen het onderwijs en het bedrijfsleven zitten volgens Sandra veel verschillen. “Voor een goede en inten­sieve samenwerking moet je zorgen dat die verschillen structureel overbrugd worden.”

Kunstacademie
Om het docententeam van Zoetermeer op een andere manier naar hun onderwijs te laten kijken nam Sandra ze mee naar de Kunstacademie in Rotterdam. “Zij werken op een heel andere manier dan een reguliere hoger onderwijsinstelling. Er wordt meer gelet op het vormen van individuen in plaats van dat je een standaard leerpakket aanbiedt dat uiteindelijk tot het diploma leidt. Omdat het binnen de kunstwereld moeilijk is om een goedbetaalde baan te krijgen, worden studenten op een andere manier ‘gevormd’. Ze moeten weten wie ze zelf zijn, zich kunnen verdiepen in maatschappelijke thema’s, commerciële opdrachten kunnen uitvoeren en weten hoe ze financieel hun eigen broek op moeten houden. Door een breed pakket aan skills aan te leren, kunnen ze zich straks ook staande houden als ze de maatschappij ingaan.” Deze vorm van onderwijs sloeg enorm aan binnen het team. “Er bleken opvallend veel paralellen te zijn met de IT. We moeten de IT’er niet alleen ‘kunstjes’ leren, maar ook als persoon vormen. Veel IT’ers gaan aan de slag als zelfstandige of starten een eigen bedrijf. Je professioneel blijven ontwikkelen vraagt veel van je na je studie, want tech-ontwikkelingen gaan razendsnel en je werk komt bij een steeds diverser publiek terecht. IT zit immers in alle aspecten van de samenleving, van de kleuterschool tot verzorgingstehuis, en een IT-professional moet daarmee om kunnen gaan.”

T-shaped professional
Alle sociale vaardigheden die een student opdoet tijdens zijn studie zijn volgens Sandra van grote waarde. “Dat noemen we de T-shaped professional. Daarmee bedoelen we de diepgang van je professie, dus dat je van een bepaald onderdeel in het vakgebied echt veel afweet, maar dat je ook brede schouders hebt om je in te leven in wat er in de wereld gebeurt. Om dat vervolgens te vertalen naar je eigen werk en dat in samenwerking met andere vakgenoten kunt realiseren.” De wereld verandert, dus moet de student mee veranderen. De Dutch Innovation Factory is volgens Sandra dé plek om zo’n veranderingsproces te kunnen realiseren. “We hebben het curriculum en rooster van het ‘normale’ onderwijs overboord gezet.”

Challenge based onderwijs
Het onderwijs is binnenstebuiten gekeerd en er wordt gewerkt met challenge based onderwijs. “Een grote groep docenten kan hun idealen echt waarmaken: die studenten niet alleen iets aan­leren, maar ze ook echt verder helpen. Door de klassieke manier van onderwijs geven los te laten, creëren we ruimte waar nieuwe dingen ontstaan. Dat heeft tijd nodig om te kunnen groeien.” Als voorbeelden noemt Sandra kennis, houding en vaardigheden. “In het nieuwe challenge based onderwijs komt alles samen. Van onderzoek, een functional requirement-analyse en Innovative Development tot Information Security. We volgen met het onder­wijs de interesse van de studenten. Die gaan een semester lang aan de slag met praktijkvraagstukken en bedenken samen met de docent en opdrachtgever wat daarvoor nodig is. Zo komen alle aspecten van IT bij elkaar en is het onderwijs ook echt gericht op de toekomst. Binnen de Dutch Innovation Factory komen de theorie en praktijk van het bedrijfsleven perfect bij elkaar.” Bij De Haagse Hogeschool in de Dutch Innovation Factory worden de differentiaties Innovative Development (ID) en Information Security aangeboden.

Just in time
Inmiddels experimenteert De Haagse Hogeschool sinds twee jaar: elk half jaar maakt iedere individuele student een onderwijspro­gramma dat aansluit op de eigen leerbehoefte en op het open in­novatievraagstuk waar hij of zij aan werkt. “De begeleiding gebeurt op een manier die aansluit op de IT-praktijk, namelijk de scrum agile-methode,” legt Sandra uit. “Dat is een methode waarbij je elke drie weken pas op de plaats maakt, reflecteert op je leerervaringen en vervolgens bepaalt wat de volgende stap is. Op deze just in time-manier leert de student alles op het moment dat het nodig is en fungeert de docent meer als kennismakelaar dan dat hij in het verleden deed.”

Toegangspoort tot de wereld
Om tot de nieuwe onderwijsvorm te komen is De Haagse Hogeschool een sterk samenwerkingsverband met de gemeente Zoetermeer aangegaan. “Samen bouwen we aan een netwerk dat bedrijven en het onderwijs op het gebied van digitaliseringsonderwijs steunt. Daar profiteert niet alleen Zoetermeer, maar ook de hele regio van.” Een voorbeeld daarvan zijn de challenges waarbij studenten aan de slag gaan met bijvoorbeeld een nieuwe vorm van digitaal beweegonderwijs of scheldende ouders langs de lijn van het sportveld. “Door alle werk- en leerkracht van studenten in de praktijk in te zetten, worden we innovatiever en kunnen we sneller schakelen. In de labs kunnen we situaties nabootsen, in regionale fieldlabs werken we samen met meerdere bedrijven. Zo kunnen we ons tijdens het onderwijs echt bezighouden met maatschappelijke opdrachten en maken we van Zoetermeer de toegangspoort naar de rest van de wereld.”

Wil je meer verhalen van ondernemers lezen in het magazine? Bekijk het online-magazine hier!